Laatste groet in een authentiek landschap

Midden in de Lommelse duinen, in een langgerekt complex dat op termijn zal versmelten met het omringende landschap, kunnen vrienden en familieleden voortaan op gepaste wijze afscheid nemen van hun gestorven geliefden. De overweldigende natuurpracht wordt ervaren als een troostende arm om de schouder en fungeert – wars van alle religieuze symboliek – als een unieke bron van spirituele verdieping. Het lijdt geen twijfel: Crematorium Stuifduin is een gebouw uit de duizend. 

“Een enorme vooruitgang voor onze regio”, noemde Lommels burgemeester Peter Vanvelthoven de realisatie van het nieuwe crematorium begin vorig jaar bij de eerstesteenlegging. Rouwende Noord-Limburgers hoeven niet langer af te zakken naar Turnhout, Hasselt of Nederland om een laatste groet te kunnen betuigen, want voortaan kunnen ze terecht in een eigen crematorium, dat aansluit op de aanpalende parkbegraafplaats van Lommel. 

Design & Build
De realisatie van Crematorium Stuifduin hing al een tijdje in de lucht. Bouwheer PONTES ging in 2013 met behulp van projectmanager Bopro op zoek naar bouwprofessionals die ervaring hadden met gelijkaardige projecten. “We opteerden voor de Design & Build-formule en namen na een Open Oproep diverse ontwerpen onder de loep”, vertelt Arnold Schautteet, regional manager bij Bopro, dat PONTES niet alleen bijstond in de voorbereidingsfase (opstellen programma van eisen, uitschrijven bestek, organiseren ontwerpwedstrijd …), maar dat ook de veiligheidscoördinatie en de tijds-, kwaliteits- en budgetbewaking op zich nam. “Het voordeel was dat we als rechterhand van de bouwheer alvast de nodige ervaring hadden opgedaan bij de realisatie van Crematorium Daelhof in Zemst. Zo wisten we bijvoorbeeld dat het cruciaal was om de ‘circulatieflows’ goed uit te denken, zodat het ceremoniegebeuren en de interne werking uit elkaars vaarwater blijven. Dat was dan ook een van de voornaamste redenen waarom we voor bouwteam VALE (a2o en Vanhout) hebben gekozen, net zoals verschillende duurzaamheidsaspecten in het ontwerp – behalve energie ook materiaalkeuze, biodiversiteit en comfort & beleving (sfeer, toegankelijkheid en daglichttoetreding), conform de BREEAM-criteria. Een terechte beslissing, want de architect en de aannemer zijn voortdurend blijven focussen op kwaliteit. Een aanpak die zeker gerendeerd heeft.”


Ruwbouw stond grotendeels gelijk aan afwerking.

Natuur als uitgangspunt
De architectuur van Crematorium Stuifduin is op zijn minst ‘opmerkelijk’ te noemen. De universele kracht van de natuur speelt een cruciale rol in het ontwerp. “We zijn uitgegaan van een restauratie van het historische landschap – een andere methodiek dan in veel andere projecten, waar de gebouwde binnenstedelijke omgeving het voornaamste uitgangspunt is”, vertelt Stefaan Evers, architect-vennoot bij a2o. “Samen met de landschapsarchitect hebben we een restauratieproject opgestart waarbij we het natuurlijke evenwicht tussen dennenbos, heide en zandlandschap herstellen. Pas in tweede instantie hebben we een gebouw ontworpen – als een ruïne – dat als het ware toevallig een crematorium herbergt. Het is meer dan alleen een gebouw, maar een volledige site die je begeleidt in een reis door de natuur. Het fysiek uit elkaar halen van het bouwprogramma maakt van Stuifduin een verzameling van plekken, en van de circulatie een processie.”

Het complex bestaat uit drie volumes: een crematie-, een afscheids- en een horecagedeelte. “Ze zijn gegroepeerd rond een open tuinkamer, een bijzondere bezinningsplek die het groen de gelegenheid geeft om het gebouw binnen te dringen”, aldus Stefaan Evers. “In zijn geheel is het crematorium opgevat als een soort ‘reis’ met een aantal strategische rustpunten “Qua kleur en materialiteit – beige-bruine baksteen, beton, hout en glas – hebben we gestreefd naar een zekere soberheid. Het was een bijzondere opgave om de technische, bouwkundige en poëtische aspecten van het project met elkaar te verweven.” 

Ruwbouw is afwerking
De ontwerpers van a2o lieten niets aan het toeval over. Aannemer Vanhout kon zich dan ook geen misstappen veroorloven. “Ruwbouw stond grotendeels gelijk aan afwerking, dus de vele details in het ontwerp hadden een grote impact op ons werk”, vertelt Dennis van Put, projectleider bij Vanhout. “Zo is al het beton ter plaatse gestort om het aantal dichtingslijnen te minimaliseren. Naargelang hun plek in het gebouw kregen de vloeren een andere afwerking: een gepolierde betonvloer voor de technische ruimtes, een gezandstraalde betonvloer voor de buitenruimtes en een ‘gesleten’ betonvloer voor de aula’s en de gangen van de koffiezalen. Deze laatste werd in een aantal etappes geschuurd, zodat de granulaten geleidelijk aan de oppervlakte kwamen en er een natuursteeneffect ontstond. Toen de architect deze complexe toepassing voorstelde, krabden we ons toch even in de haren, maar het resultaat is prachtig.” De gevel is ingevuld met ruw metselwerk, dat hier en daar subtiele openingen bevat om het robuuste karakter van het gebouw enigszins te doorbreken. De handgevormde maasbrandgevelstenen hebben een relatief groot formaat en zijn op traditionele wijze vervaardigd in de ringovens van een steenbakkerij in Maaseik. “De structurele materialen lopen naadloos over in het fraaie interieur, dat is afgewerkt met houtfineer. Schroeven en bevestigingen moesten absoluut uit het zicht gehouden worden, en alle technieken zijn weggewerkt in de wanden. Gelukkig konden we ons baseren op een BIM-model, waardoor we op voorhand al veel twijfelgevallen konden uitklaren en tijdens het bouwproces quasi geen fouten hebben gemaakt. Crematorium Stuifduin was een schitterend project. Constructief hebben we al voor hetere vuren gestaan, maar de complexiteit van de architectuur en de afwerkingsgraad zijn toch wel uniek.”     


De structurele materialen lopen naadloos over in het fraaie interieur, dat is afgewerkt met houtfineer.


Participanten aan het woord

Coopman Orona – Lift
De onthaalruimte van het Crematorium van Lommel is uitgerust met een machinekamerloze en frequentiegestuurde personenlift voor maximum acht personen. “De voornaamste troeven van de 3G 2010-lift zijn de perfecte stopnauwkeurigheid, het lage energieverbruik, de rolstoeltoegankelijkheid en het grote gebruikerscomfort”, vertelt Tom Marichal, business development manager bij Coopman Orona. “We hebben nauw samengewerkt en intensief overlegd met de architect om de lift optimaal te integreren in het geheel. Zo zijn de geschilderde deurfronten erg detaillistisch uitgewerkt en is de omlijsting uitgewerkt in hout. Het Crematorium van Lommel is dan ook een erg mooie referentie die zeker niet misstaat naast de vele andere knappe realisaties die we al op ons conto konden schrijven. Denk bijvoorbeeld aan recente prestigeprojecten zoals de Cadixwijk in Antwerpen en AZ Groeninge in Kortrijk. Een belangrijk huidig project is AZ Sint-Maarten in Mechelen, waar maar liefst 48 liften geplaatst worden.” 


De gevel is ingevuld met ruw metselwerk, dat hier en daar subtiele openingen bevat om het robuuste karakter van het gebouw enigszins te doorbreken.


FDS – Mobiele akoestische wanden
In een serene omgeving zoals het Crematorium van Lommel is akoestiek uiteraard een belangrijke prioriteit. Dit vertaalde zich onder meer in specifieke eisen met betrekking tot de mobiele wanden, die geplaatst zijn door specialist ter zake FDS (Drongen). “Het gaat om vier mobiele wanden met erg omvangrijke afmetingen”, vertelt project manager Mathias Pauwels. “In de aula staan twee van die wanden parallel ten opzichte van elkaar om in gesloten toestand als het ware een dubbele barrière te kunnen creëren. Ze zijn beide 13,3 meter breed en 4,8 meter hoog. Dat formaat is op zich niet zo bijzonder voor ons – we plaatsen geregeld zulke grote exemplaren – maar het is zeker niet alledaags om twee wanden met die proporties parallel te plaatsen met het oog op een optimale akoestische isolatie. De andere twee wanden bevinden zich in het horecagedeelte en meten 13,4 op 2,8 meter. Ook de afwerking van de mobiele wanden was een speciaal gegeven. Ze zijn bekleed met hetzelfde fineer als de vaste wanden, zodat ze quasi naadloos versmelten met de rest van het interieur. Het resultaat oogt zeer fraai.”


Ramen Dexters – Buitenschrijnwerk
De architectuur van Crematorium Stuifduin staat volledig in het teken van transparantie, elegantie, uniformiteit en het intense contact met de natuurrijke omgeving. Ook het buitenschrijnwerk sluit aan bij dit concept. “Het was een intensieve zoektocht naar oplossingen op maat om een zo zuiver mogelijk geheel te bekomen”, vertelt Marco Dexters van Ramen Dexters (Kozen). “Denk aan een pivotdeur met onzichtbare deurpomp in plaats van de standaard opbouwpompen, dubbelzijdige vleugeloverdekkende panelen, speciale glassoorten die matchen met de goudkleurige aluprofielen, enzovoort. Het vergde een hele organisatie om het materiaal, de raamprofielen en het randmateriaal te voorzien in de geanodiseerde goudkleur, onder meer omdat je de nodige wachttijden in acht moet nemen voor het anodisatieproces. Gezien de atypische positionering van het buitenschrijnwerk heeft het gebouw veel verschillende bouwkundige aansluitingen. Het vroeg tijd en energie om alles correct af te stemmen met de betrokken partners. Om de doorbuiging van het dak bij sneeuwval op te vangen, hebben we beweegbare ankers geplaatst in de beperkte ruimte tussen raam en balk. Ook de aansluitingen tussen de ramen en de gepolierde betonvloer waren qua planning en uitwerking allerminst evident. De unieke samenwerking met de architect en de aannemer resulteerde in een mooie, doorgedreven symbiose en een uiterst gedetailleerde afwerking.” 


Technische fiche

Bouwheer PONTES (Wilrijk, Turnhout)
Projectmanagement en veiligheidscoördinatie Bopro (Gent)
Architect a2o (Hasselt)
Hoofdaannemer Vanhout (Geel)

Tekst Tim Janssens     |    Beeld a2o, Vanhout