Sporten in een complex met toegevoegde waarde

De inwoners van Aartselaar hebben sinds kort alle mogelijkheden om aan hun conditie te werken. Het gemeentebestuur besloot de bestaande cafetaria en kleedruimtes van de sportvelden immers te vervangen door een gloednieuw sportcomplex. Openheid en beweging staan centraal in het ontwerp van ’t Sportzicht, dat zwaar inzet op een optimale interactie met de sportterreinen.

Aartselaar SportcentrumDe knusse inkomhal verwelkomt de sporters op een aangename manier.

De locatie werd behouden, maar vervangen door een nieuwbouw in een andere vorm. hvh-architecten werkte immers een ontwerp uit met een gelijkvloers grondplan in kruisvorm. “Op die manier ontstaan er drie belangrijke routes”, legt architect Koen Heyvaert uit. “Een hoofdas over de lengte van het gebouw verbindt de inkom met de kleedruimtes en het voetbalveld. De secundaire as, die daar loodrecht op aantakt, biedt via de kleedruimtes toegang tot de tennisvelden en de atletiekpiste. Tot slot zorgt een derde as voor de verticale circulatie naar de cafetaria op de eerste verdieping.”

Aartselaar SportcentrumDe cafetaria’s zijn opgebouwd uit een lichte, prefab houtstructuur.

Project op maat van aannemer
Het gebouw staat op een sokkel, die is opgebouwd uit geprefabriceerde betonnen balken, kolommen, wanden en vloeren. Deze basis vormt een mooi contrast met de lichte structuur van de bovengelegen cafetaria’s, die uit een lichte, prefab houtstructuur en gemodelleerde raamgehelen in aluminium bestaan. Elke zone kreeg een eigen klimatisatie en een specifieke afwerking in functie van het gebruik. Om de snelheid van het bouwproces te bevorderen en het budget onder controle te houden, werd het principe van ‘ruwbouw = afbouw’ toegepast. “Op zich is dit een interessante techniek”, vertelt Ir. Roel Ven, projectleider van Swinnen NV uit Balen, het algemeen klasse 6-bouwbedrijf dat instond voor de realisatie. “Het probleem is echter dat het Belgische weer nogal onvoorspelbaar is, waardoor het soms moeilijk is om de juiste werken op het juiste moment te kunnen uitvoeren. Bovendien was het niet zo eenvoudig om alle technieken weggewerkt te krijgen, met de nodige lastminutewijzigingen tot gevolg. Een tweede uitdaging in dit project was de combinatie van zware prefabelementen en plaatsgebrek. Niettemin is dit het type opdrachten waar we graag onze schouders onder zetten. Al bij de calculatie van de projecten wordt immers uitgezocht waar de projectleiding een meerwaarde kan bieden. We zijn in elk geval erg tevreden over het resultaat. ‘t Sportzicht is een sportaccommodatie die slim en creatief omgaat met haar omgeving, met als uiteindelijke doel: sporten en liefde voor de sport.”

Aartselaar Sportcentrum

Tekst Els Jonckheere     |    Beeld Sepp Van Dun
Uitgelichte afbeelding: 
Openheid en beweging staan centraal in het ontwerp van ’t Sportzicht, dat zwaar inzet op een optimale interactie met de sportterreinen.


TECHNISCHE FICHE

Bouwheer Gemeentebestuur Kontich
Architect hvh-architecten (Kontich)
Hoofdaannemer Swinnen (Balen)


Participanten aan het woord

Vermaelen L. & Co – HVAC
HVAC implementeren in een sportcomplex is een specialiteit op zich. De omgevingscondities zijn immers totaal anders dan in gelijk welk ander gebouw. Vandaar dat er bij de realisatie van ’t Sportzicht in Aartselaar een beroep werd gedaan op een firma met heel wat kennis ter zake: Vermaelen L. & Co uit Stabroek. Opgestart als eenmanszaak in 1988, is deze onderneming immers geëvolueerd naar een expert die zich toelegt op een geïntegreerde aanpak van HVAC en sanitair voor grote gebouwen. “In ’t Sportzicht kwam dit neer op de installatie van twintig Stelrad-radiatoren en 500 m² Henco-vloerverwarming”, vertelt projectingenieur Guy Anthonissen. “Op het dak plaatsten we een Viessmann-zonneboilerinstallatie met vacuümbuiscollectoren. Daarnaast bouwden we een stookplaats met twee condenserende Vaillant-ketels van 93 Kw, alsook een verdeelcollector met verschillende kringen en Grundfos-pompen. We zorgden tevens voor de ventilatie met twee Denco Happel-luchtgroepen en installeerden tot slot ook het Siemens Synco-gebouwbeheersysteem.”