De modulaire offsite woningbouw is er op korte tijd in geslaagd om jaarlijks bijna 8 % van de nieuwe woningen en appartementen in Vlaanderen te realiseren. Volgens een schatting van Embuild Vlaanderen waren dat om en bij de tweeduizend van de 26.500 nieuwe wooneenheden in 2025. Tegen 2050 zijn er in Vlaanderen 600.000 extra woningen nodig. Dankzij een geïndustrialiseerde, geautomatiseerde en modulaire manier van werken kan de bouw een versnelling hoger schakelen. Gezien de gezinsverdunning zal meer en kleiner bouwen wonen bovendien betaalbaarder maken.
“Bij industriële woningbouw worden standaardmodules of onderdelen offsite geprefabriceerd in grote ateliers om ze zeer snel in elkaar te kunnen zetten op de werf. Deze aanpak brengt allerlei voordelen met zich mee, zoals een snellere bouwtijd, verhoogde kwaliteit, het uitsluiten van faalkosten, een vermindering van het gebruik van bouwmaterialen, lagere energiekosten enzovoort. Hoe groter het volume aan woonmodules, hoe lager de kostprijs. Deze nichemarkt is in volle evolutie. Verwacht wordt dat de modulaire woningbouwers de komende jaren enkel aan belang zullen winnen”, zegt Caroline Deiteren van Embuild Vlaanderen.
“In tegenstelling tot wat vaak aangenomen wordt, staat modulaire woningbouw niet gelijk aan eenheidsworst. Het vertrekpunt is een gestandaardiseerde manier van werken, maar de keuzemogelijkheden zijn groot”, voegt Caroline Deiteren eraan toe.
Daarnaast biedt modulair bouwen ook een antwoord op de bouwtechnische complexiteit van de gewenste verdichting in Vlaanderen. De ruimte in verstedelijkt Vlaanderen is schaars. In en rond onze centra en dorpskernen zullen opvullen en optoppen nodig zijn om de bijkomende huishoudens kwaliteitsvol te kunnen huisvesten. Compacte modulaire units die als extra verdieping op bestaande gebouwen kunnen worden geplaatst of die tussen gebouwen geschoven en gestapeld kunnen worden, zijn daarbij van groot nut. Bovendien wordt de werffase zo in een drukke omgeving tot een minimum herleid.
Dat modulaire woningbouwers veel te bieden hebben, blijkt uit de raamovereenkomst ‘modulair bouwen voor sociale woningbouw’, die werd afgesloten met de Vlaamse overheid. Met modulaire bouwtechnieken stellen drie modulaire bouwbedrijven de capaciteit ter beschikking om jaarlijks maar liefst 1750 modulaire sociale woningen op te leveren. Maar tot dusver zijn er slechts zestien gerealiseerd en zitten er 317 in de pijplijn. De terughoudendheid bij de woonmaatschappijen blijkt nog groot te zijn. Zo doen twaalf van de 42 woonmaatschappijen een beroep op het aanbod binnen die raamovereenkomst.
“Industriële en modulaire oplossingen kunnen ook helpen om de lange wachtlijsten voor een sociale woning weg te werken. Maar de sector dient de opdrachtgevers nog veel meer te overtuigen van de voordelen van die nieuwe, snelle en slimme manier van werken. Op het terrein merken we nog terughoudendheid”, aldus Caroline Deiteren.