De AP Hogeschool nestelt zich in Antwerpen in de voormalige Slachthuishallen. De grondig gerenoveerde hallen vormen samen met een nieuwbouwtoren de uitvalsbasis voor studenten van de STEM-opleidingen. Grote raampartijen en zichtbeton definiëren het ritme van de gevel. Toch springen vooral de ronde vormen in het beton in het oog. Die zorgen voor licht, zicht en verse lucht in de achterliggende ruimtes.
Sinds de sluiting van het Stedelijk Slachthuis in 2006 lagen de terreinen van het slachthuis en de buurt er verlaten bij. De site bleef evenwel een enorm potentieel hebben. Uiteindelijk gaf het stadsbestuur de opdracht aan projectontwikkelaars Triple Living en Immobel om een ambitieus masterplan uit te werken. Dit plan zette de krijtlijnen uit voor een innovatieve buurt op het vlak van architectuur, groenaanleg, openbaar domein, gebouwfunctie … Zo vormt het de blauwdruk voor 18 hectare nieuwe stad, een complete transformatie van de zones Slachthuissite, Noordschippersdok en Lobroekkade. Het wordt een thuis voor bewoners, maar ook voor lokale handelszaken, horeca, creatieve initiatieven en studenten. De hoogtechnologische campus – maar liefst 22.000 m² groot – is de perfecte aanvulling op deze gevarieerde site.

De Slachthuishallen ondergingen een volledige transformatie, weliswaar met respect voor het historische gebouw. Het beton werd zorgvuldig gerestaureerd en dat vergde heel wat engineering. Zo is de betongevel op bepaalde plaatsen bijvoorbeeld amper 9 centimeter dik. Aansluitend op de gerenoveerde hallen verrees een nieuw torengebouw van acht verdiepingen. Dat omvat vooral leslokalen en een thuis voor het administratieve personeel van de school. “Het was een uitgelezen kans om ons met de nieuwe campus te vestigen in dit fantastische gebouw, dat voor veel Antwerpenaren een echt landmark in hun stad is”, klinkt het bij AP Hogeschool.
De uitvoering van het project begon in 2020 met een renovatie van het oorspronkelijke slachthuis. Deze hal dateerde uit de jaren 30. De prefabbetonstructuren waren vooruitstrevend voor die tijd. De ‘cassettes’ in het plafond getuigden van een gesofisticeerde aanpak en een doorgedreven engineering. De architecten lieten zich inspireren door de hoge plafonds. Ze voegden een nieuwe betonnen vloerplaat toe – de zogenaamde ‘tafel’ – om de bruikbare ruimte te verdubbelen. Die combinatie van de authentieke en de nieuwe betonnen structuur laat het historische gebouw tot zijn volle potentieel komen.
“Om de patine en de ziel van het bestaande gebouw te bewaren en tegelijk een modern en comfortabel gebruik mogelijk te maken, werd in de ontwerpfase over veel aspecten lang en grondig nagedacht”, vertelt Bart Lantmeeters van Jaspers-Eyers Architects. “We moesten in een bestaande hal een compleet interieur realiseren, met binnenruimtes die energetisch voldoen aan de wetgeving en de huidige normen. Ook de akoestiek was een aandachtspunt door de verouderde bestaande betonstructuur en het open karakter van de binnenruimte. Dat we de gevels aan de binnenkant zouden isoleren, was wel al snel duidelijk. Buitenmuurisolatie zou het authentieke karakter van het slachthuis meteen wegnemen.”
Triple Living, een van de grootste ontwikkelaars in Antwerpen, won de ontwerpwedstrijd voor de Slachthuissite en nam architectenbureau OFFICE Kersten Geers David Van Severen mee aan boord. Gezien de nieuwe campus voorbehouden is voor de STEM-opleidingen van AP Hogeschool zijn heel wat laboruimtes voorzien. Dat maakt van de technieken een belangrijk onderdeel in het project, met ventilatie en rookafvoer hoog op de agenda. “Voor de laboruimtes op de eerste verdieping konden we vrij eenvoudig toevoer van verse buitenlucht en afvoer van vervuilde binnenlucht voorzien via het dak”, licht Inga Karen van OFFICE KGDVS toe. “Op het gelijkvloers was dat moeilijker. Daar moesten we de luchtaanvoer via de gevel voorzien. We gingen op zoek naar een esthetische oplossing die voldoende beantwoordde aan de comforteisen.”
De ronde openingen zijn een toevoeging aan het gekende gevelbeeld. Verder werden evenwel geen grote ingrepen gedaan in de gebouwschil. “De ronde openingen passen zich in de bestaande gevelritmiek in, maar geven het gebouw tegelijk een nieuwe identiteit”, duidt Inga Karen. De technieken, zoals de ventilatiekanalen die aangesloten zijn op de ronde openingen, zijn zichtbaar gehouden. Vanwege de veelheid aan technieken ontwikkelde OFFICE KGDVS een passend framework om ze in te verwerken. Door de materiaal- en kleurkeuzes sluiten ze evenwel optimaal aan bij de bestaande betonstructuren, met visuele harmonie als rechtstreeks resultaat. Zo draagt onder meer de gevelritmiek met natuurlijk geanodiseerde aluminium profielen en zwarte deuren – en andere opengaande delen – in het zwart bij aan het harmonieuze totaalbeeld.
Rustend op tussenvloeren in mezzaninestijl blijven de ventilatie-units en buizen subtiel zichtbaar in de ruimte. Deze technische ‘vloeren’ situeren zich boven de labo’s. Het is deels een esthetische en deels een praktische keuze. Door met een mezzanine te werken moesten de architecten en aannemers zo min mogelijk raken aan de bestaande betonstructuur. Verlaagde plafonds waren dus mogelijk noch wenselijk.

Voor het updaten en upgraden van de gevel was algemeen aannemer Vanhout aan zet. De grootste uitdaging schuilde in de geschiedenis van die gevel. “De betongevel was in het verleden meermaals overschilderd”, schetst projectleider Yvan Selleslags. “Om die opnieuw waterdicht te krijgen, werd hij eerst gezandstraald voor een goede aanhechting van de nieuwe beschermlaag. Vanwege betonrot behandelden we de volledige structuur met een speciale coating voor een kathodische bescherming, die meteen ook toekomstige corrosie vermijdt.” Vervolgens werden 448 gaten in de gevel geboord. De complexiteit: zowel de stabiliteit van het gebouw bewaken als voorkomen dat de kathodische bescherming onderbroken werd. Een intensief, maar succesvol proces.
Het architectenteam integreerde drie rijen ronde openingen in de betonnen gedeeltes van de gebouwschil. De bovenste twee rijen zijn uitsluitend ronde vensters, die licht binnentrekken in de lokalen op de eerste verdieping. De onderste rij bedient het gelijkvloers en bestaat uit een mix van vensters en ventilatieroosters. Inga Karen: “We berekenden de vereiste debieten. Op basis daarvan bepaalden we het benodigde aantal ventilatieroosters. Ook de voorwaarden qua rookafvoer speelden hierbij een doorslaggevende rol.” In totaal werden zo 81 ronde 421R ZF-roosters van Renson in de gevel geïntegreerd. Qua kleur zijn de roosters afgestemd op de ronde ramen, die zwart lijken.
Bovendien hebben de roosters in dit project geen flens, zodat ze perfect vlak vallen in de gevel, net zoals de ramen in de andere openingen. “Omdat er nieuwe gaten geboord werden in de bestaande betonconstructie, hadden we geen aanslag om zowel de roosters als de ramen langs buiten te monteren”, verduidelijkt Koen Schoemaekers van Group Ceyssens, de expert in glas- en gevelprojecten die de typerende ronde roosters plaatste. “Net zoals bij de ronde ramen moesten deze roosters aan de buitenkant overal afgekit worden met een siliconevoeg – vlak met de wand – om ze nadien te overschilderen. Aan de binnenzijde van de roosters maakten we telkens een EPDM-manchet voor een volledige afdichting en waterdichtheid.”
Roosters zonder buitenflens zijn ook bij Renson niet standaard. Toch twijfelde Koen Schoemaekers geen seconde om de vraag te stellen. “Ik weet dat Renson altijd met veel enthousiasme mee in een project stapt en ver durft te gaan om de beste oplossing te vinden”, klinkt het. Voor de plaatsing van de roosters maakte Group Ceyssens beugels op maat, om met rvs-schroeven vast te trekken zonder de roosters te beschadigen. De plaatsing verliep vlot.
Het mooie resultaat is een verhaal van vlotte samenwerking, open blikken en heldere communicatie. Gert Van Hoof, projectverantwoordelijke bij Triple Living, besluit: “De school stond gedurende het hele bouwproces open voor de gedurfde aanpak van de architecten. Dat leidde tot dit prachtige eindresultaat. Op 30 augustus 2024 mochten we het gebouw zeer tevreden overdragen aan de school. Sindsdien worden er een tweeduizendtal studenten opgeleid.”