Platform voor de bouw
Data als ruggengraat van de bouw
De digitalisering van de bouwsector is geen kwestie van tools implementeren, maar van een fundamentele shift naar datagedreven werken.

Data als ruggengraat van de bouw

Hoewel de bouwsector de voorbije jaren stappen heeft gezet richting digitalisering, blijft een hardnekkig probleem bestaan: een groot deel van de informatie gaat verloren tijdens projecten. Volgens Josefien Vanhuyse, CEO bij Neanex, is dat geen detailprobleem, maar een structurele uitdaging die de efficiëntie, duurzaamheid en kost van projecten rechtstreeks beïnvloedt.

“Meer dan de helft van de data verdwijnt”, klinkt het scherp. Toch nuanceert Josefien Vanhuyse: niet alle informatie hoeft bewaard te blijven. De echte uitdaging zit volgens haar in het verlies van relevante data. Dat wil zeggen: informatie die later opnieuw nodig is, maar niet meer vindbaar, gestructureerd of bruikbaar blijkt.

Van BIM naar datagedreven werken

De sector heeft BIM lang naar voren geschoven als dé oplossing, maar volgens Josefien Vanhuyse ligt de focus te vaak op het model en te weinig op de onderliggende data. “BIM moet geen tool zijn, maar een integraal proces over de volledige levenscyclus van een asset”, stelt ze.

Vandaag werken veel partijen nog met versnipperde systemen – pdf’s, Excel-bestanden en uiteenlopende softwaretools – waardoor informatie gefragmenteerd raakt. Die versnippering leidt tot duplicatie, fouten en tijdverlies. In complexe projecten kan tot 30 % van de werktijd van ingenieurs verloren gaan door het zoeken naar en ‘re-engineering’ van de juiste informatie. De oplossing ligt volgens Neanex niet in één allesomvattende tool, maar in een doordacht verbonden ecosysteem waarin data centraal staat en toepassingen met elkaar communiceren.

Data als ruggengraat van de bouw 1
De boodschap van Neanex is duidelijk: data is geen bijproduct van het bouwproces, maar de ruggengraat ervan.

Het belang van duidelijke informatiebehoeftes

Een cruciale fout in veel projecten is dat pas op het einde wordt nagedacht over welke informatie nodig is. Bij de oplevering wordt dan ad hoc verzameld wat beschikbaar is, vaak zonder duidelijke structuur of toekomstig gebruik. “De vraag moet veel vroeger gesteld worden: welke data hebben we nodig, wanneer en waarvoor?” zegt Josefien Vanhuyse. Het expliciet vastleggen van die informatiebehoeftes doorheen de volledige levenscyclus – van ontwerp tot exploitatie – is volgens haar de sleutel tot betere projecten.

Daarbij spelen ook opdrachtgevers een belangrijke rol. Zij kunnen via contracten en aanbestedingen afdwingen dat data correct wordt aangeleverd en beheerd, bijvoorbeeld als gunningscriterium.

Van chaos naar context

Om die datastroom beheersbaar te maken, ontwikkelde Neanex het platform Fundament. Josefien Vanhuyse vergelijkt het met ‘een Spotify voor bouwdata’: in plaats van eindeloos te zoeken in documenten krijgen gebruikers snel toegang tot relevante informatie in hun eigen context.

De kracht zit in de semantische en contextuele koppeling van data. Eenzelfde object – zoals een stopcontact – kan bekeken worden vanuit verschillende perspectieven: als onderdeel van een ruimte voor een architect of als element in een elektrisch circuit voor een ingenieur. Die contextuele benadering maakt data echt bruikbaar. Zonder die contextuele betekenis en relaties hebben we vlakke of platte data zonder betekenis.

Impact op efficiëntie en duurzaamheid

Wanneer data goed georganiseerd is, zijn de voordelen aanzienlijk. Naast de eerder genoemde tijdswinst leidt het ook tot betere communicatie tussen stakeholders en minder risico’s tijdens het project.

Daarnaast speelt data een sleutelrol in duurzaamheid en circulariteit. Met een goed opgebouwd assetregister of materialenpaspoort kunnen keuzes rond materialen en hergebruik beter onderbouwd worden. Bovendien wordt het mogelijk om bijvoorbeeld de CO2-impact van materialen te meten en te vergelijken. Met de komst van regelgeving zoals het Digital Product Passport wordt die datagedreven aanpak zelfs onvermijdelijk.

Data als ruggengraat van de bouw 2
Met een goed opgebouwd assetregister of materialenpaspoort kunnen keuzes rond materialen en hergebruik beter onderbouwd worden.

De bouwsector van morgen

Kijkend naar de toekomst ziet Josefien Vanhuyse een sector die veel meer geïntegreerd en collaboratief werkt. Bouwteams delen kennis, werken met open standaarden en maken gebruik van verbonden digitale ecosystemen in plaats van one-size-fits-alloplossingen, zoals uitgebreide suitetools. Belangrijk daarbij is dat productiviteit en duurzaamheid geen tegenstelling meer vormen. “Die twee moeten hand in hand gaan”, stelt ze.

Tegelijk blijft het menselijke aspect essentieel. Technologie en AI kunnen processen ondersteunen, maar het zijn nog altijd mensen die creativiteit en innovatie brengen in de gebouwde omgeving.

Efficiënter, duurzamer en toekomstgerichter

De digitalisering van de bouwsector is geen kwestie van tools implementeren, maar van een fundamentele shift naar datagedreven werken. Wie erin slaagt om informatie centraal te stellen en slim te organiseren, wint niet alleen aan efficiëntie, maar bouwt ook duurzamer en toekomstgerichter.

De boodschap van Neanex is duidelijk: data is geen bijproduct van het bouwproces, maar de ruggengraat ervan.

Gerelateerde artikelen

"*" geeft vereiste velden aan

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Stuur ons een bericht

Wij gebruiken cookies. Daarmee analyseren we het gebruik van de website en verbeteren we het gebruiksgemak.

Details

Kunnen we je helpen met zoeken?

Bekijk alle resultaten